foto1
foto1
foto1
foto1
foto1
Cetawikia.nl is jouw bron van informatie over cetacea. Hier kun je alle informatie vinden over deze fascinerende dieren. waaronder honderden pagina's, foto's, blogs en nieuwsberichten/ Wanneer men spreekt over cetacea gaat het over walvissen, dolfijnen en bruinvissen, de zogeheten 'walvisachtigen'. Dit zijn zeezoogdieren die zich volledig hebben aangepast aan een leven in het water. Lees meer

.

.

 

Het houden van niet-gedomesticeerde dieren is een traditie die eeuwen teruggaat. Tegenwoordig wordt bijna iedere populaire diersoort gehouden in dierenparken over de hele wereld. Cetacea zijn hier geen uitzondering in. Wel worden ze nog maar vrij kort in gevangenschap gehouden vergeleken met andere wilde en exotische dieren. Ook zijn dolfinaria en andere parken met cetacea veel minder talrijk dan gewone dierenparken. Dit omdat de verblijven, de techniek, de voorzieningen en de overige middelen om een zeezoogdier in gevangenschap te houden vrij geavanceerd zijn. Ook zijn de meeste soorten moeilijk om te houden vanwege de nog vrij beperkte kennis over bijvoorbeeld de soort, maar ook de verzorging en specifiekere kennis zoals gezondheidskennis. Vaak zijn medische ingrepen bij cetacea moeilijk of zelfs nog nooit eerder uitgevoerd. Cetacea leven in de natuur onder verschillende bedreigingen zoals roofdieren en onderlinge strijd om rangorde. Hierdoor zal een dier vrijwel nooit laten zien dat het ziek is. Vaak wanneer de symptomen zichtbaar zijn is het al te laat. Dit maakt het onder andere heel uitdagend om deze dieren te houden. Toch zijn er een aantal soorten die prima lijken te zijn aangepast aan het leven in gevangenschap en gehouden worden over de hele wereld. Dit zijn ook de soorten waar al jaren succesvolle en talrijke fokresultaten mee worden bereikt. Het beste voorbeeld hiervan is de tuimelaar. Niet iedereen is echter blij met het feit dat cetacea in een kunstmatige omgeving worden gehouden. Er zijn verschillende partijen die tegen cetacea in gevangenschap zijn en zelfs actief stappen ondernemen om dit te stoppen. 

 

Er worden wereldwijd ongeveer 1.500 tot 2.000 walvisachtigen in gevangenschap gehouden. Het overgrote deel hiervan zijn dolfijnen.  In vergelijking; Er worden wereldwijd zo'n 15.000 tot 20.000 olifanten gehouden in dierentuinen. Ook worden er alleen al in Noord-Amerika ongeveer 12.000 tijgers gehouden als huisdier(!) Ongeveer 4000 van deze 'huistijgers' worden  alleen al in de staat Texas gehouden. Het precieze aantal dieren in gevangenschap van een bepaalde soort wordt onder andere bijgehouden in het zogeheten 'stamboek' of studbook. Dit stamboek wordt bijgehouden door een coördinator. Vanuit deze gegevens wordt bepaald welke dieren worden uitgewisseld aan parken onderling om het fokprogramma te behouden. Vooral in Westerse landen wordt er actief uitgewisseld en gebruik gemaakt van dit fokprogramma. In deze landen (zoals bijvoorbeeld Noord-Amerika, West Europa en Australië) is het namelijk sinds de jaren 80' verboden cetacea uit het wild te verkrijgen tenzij het gaat om opvang. Hier zijn echter gespecialiseerde opvangcentra voor.

 

De eerste officiële dolfinaria werden in de jaren 60' en 70' opgericht. Voorheen waren cetacea alleen per hoge uitzondering te vinden in gevangenschap. Hier ging het dan meestal om gestrande dieren, of dieren te vast waren komen te zitten in een net waarna ze vervolgens naar een aquarium of dierenpark werden overgebracht. De dieren in de eerste dolfinaria werden daarentegen voornamelijk bewust gevangen uit het wild; er was immers nog geen populatie in gevangenschap. Door de hoge populariteit en het succes van deze dolfinaria bleef de vraag naar cetacea (met name dolfijnen) zeer groot en werden steeds meer dieren uit wild gehaald. Eind jaren 80' was het aantal parken dusdanig gestegen en werden fokresultaten goed genoeg om de vangst van cetacea te verminderen. Ook protesten speelden een rol en het inzicht van veel dierenparken veranderde.  Sinds de jaren 80' worden er dan ook geen cetacea direct vanuit het wild  meer verkregen in Noord Europa, West-Europa, Noord-Amerika en Oceanië. Dit geldt voor import en export van de dieren, met uitzondering van gestrande exemplaren uit opvangcentra die bevonden zijn niet terug te kunnen keren naar het wild.  Er is dan ook vanaf dit inzicht geen enkel dier meer gevangen voor parken in deze landen. De dieren die vóór deze wetgeving zijn gevangen leven hier nog wel. Dit is echter een grote minderheid. In Europese parken alleen al is vandaag de dag meer dan 70% van alle dolfijnen in gevangenschap geboren. Een populaire verkondiging is dat er dieren uit de gewelddadige drijfvangsten in Taji Japan in bijna alle dolfinaria wereldwijd zouden leven, dit is onjuist. De plaatsen waar uit het wild gevangen dieren uit Taji en andere locaties leven liggen voornamelijk in Azië. Hierna volgen Rusland, het Midden-Oosten en Afrika. Vaak gaat het hier om landen met geen of weinig regels betreft het verkrijgen, houden van en het welzijn van dieren. Helaas is het in deze landen volledig legaal en gebeurt het nog regelmatig dat er wildvang dieren aan de collectie worden toegevoegd, zelfs ondanks succesvolle fokresultaten.

 

Er zijn verschillende manieren waarop cetacea worden gehouden in gevangenschap. Dit kan bijvoorbeeld in echt of kunstmatig zeewater, in de buitenlucht of in een binnenverblijf, in een natuurlijke of kunstmatige omgeving en nog zoveel meer. Er zijn een aantal verschillende typen verblijven die men kan onderscheiden van elkaar:

Zeepen

Een zeepen is een simpele constructie, meestal bestaande uit netten en vlonders dat gevestigd is in  zee. Dit kan zowel op open zee als dicht bij de kust. In feite is het een omheind stuk oceaan of 'drijvende kooi' op elke gewenste locatie. Dierenactivisten zijn grote voorstanders van de zeepen als alternatief voor andere verblijven, maar ook veel verschillende dolfinaria gebruiken deze methode om dolfijnen te houden.  De voordelen van een zeepen zijn dat er geen filter nodig is, je een dier in een natuurlijke omgeving kunt houden en dat het een vrij makkelijke constructie is die naar wens op ieder formaat kan worden gemaakt. De nadelen zijn dat dieren bloot staan aan alle weersomstandigheden en temperaturen zonder dit goed te kunnen reguleren en dat er zonder filter geen controle is van de kwaliteit van het water en alle bacteriën, micro-organismen en eventuele schadelijke stoffen die zich daarin bevinden. Ook is dit geen optie voor inlandse parken die geen toegang hebben tot de zee.

Lagoon

Een lagoon of lagune kan het beste worden beschreven als een semi-natuurlijke omgeving. Er wordt gebruik gemaakt van zeewater, maar dit wordt wel gefilterd door een geavanceerd filter systeem. Vaak bevinden zich rotsen, zandbodem, planten en eventueel andere flora en fauna in een lagoon. De omgeving is echter gecontroleerd en aspecten als temperatuur en waterkwaliteit kunnen worden gemonitord en aangepast. De constructie kan in principe overal worden gebouwd, maar is wel erg kostelijk. De lagoon wordt door velen beschouwd als een moderne en zeer geschikte manier van houden van zeezoogdieren. Het Nederlandse Dolfinarium Harderwijk implementeerde al een lagoon in de jaren 90' en was hiermee baanbrekend. Inmiddels zijn er meerdere parken gevolgd (zoals Tiergarten Nürnberg) of geïnteresseerd in dit type verblijf. 

Klassiek bassin

Het 'klassieke' bassin is een concept dat al sinds het begin van het tijdperk van cetacea in gevangenschap wordt gebruikt. Vandaag de dag is het nog steeds functioneel en in vele parken te vinden. Dit bassin is een betonnen constructie die soms, maar niet altijd is aangevuld met een acrylen of glazen wand aan de voorkant waardoor de bezoekers de dieren goed kunnen bekijken. Deze bassins hebben typisch meestal een indeling bestaande uit meerdere aparte bassins met minimaal twee kleinere bassins  aan de achterkant. Dit type bassin wordt in Europa veel gebruikt. Vaak wordt er gebruik gemaakt van kunstmatig zeewater of bewerkt zeewater. Vroeger zag je de betonnen bassins vaak in rechthoekige vorm, maar tegenwoordig zijn ze bijna allemaal rond of ovaal. Enkele voordelen zijn dat het makkelijker schoon te houden is en dat deze constructie ook kan worden gebruikt op plekken die niet dicht bij de zee liggen. Dit type bassin wordt zowel buiten als binnen gebruikt, vaak is het een deel van een groter complex waarbij slechts enkele bassins publiek zijn en de rest zich achter de schermen bevindt. Meestal is het omringt door een tribune, daar dit het type bassin is waar shows veelal in worden gegeven. Nadelen zijn dat dit vaak wat kleinere verblijven zijn in formaat, al bestaan er ook zeer grote varianten van dit type zoals bijvoorbeeld in L'oceanografic in Spanje of het orkaverblijf van Marineland Antibes in Frankrijk.

Panaromawand of Aquarium

De panoramawand of aquariumsetting is een type verblijf waarin de dieren achter acryl of glas kunnen worden bekeken. Dit kan alleen een wand zijn, maar ook een tunnel of complete overkoepeling. De aquariumsetting wordt over het algemeen minder gebruikt dan andere typen verblijven en wordt normaal gesproken vooral gebruikt om diverse vissen of andere zeedieren zoals schildpadden in te huisvesten in plaats van  cetacea. De panoramawand is echter in veel parken aanwezig. Dit kan in verschillende vormen. Meestal in combinatie met een van de andere typen die hierboven worden beschreven, maar er zijn ook parken die enkel deze methode gebruiken. Dit wordt vooral gezien in Azië, maar ook in Europa komen dit soort verblijven voor, zoals bijvoorbeeld in Acuario di Genova. In Noord-Amerika gebruikt onder andere  Indianapolis Zoo deze methode. In dit type verblijf zijn de dieren het beste te bekijken door bezoekers en is gedrag het beste te observeren. 

 

 

Er is geen wetenschappelijk onderbouwde indicatie voor hoeveel ruimte ‘genoeg ruimte’ is voor een zeezoogdier. Wel zijn er in Europa, Noord-Amerika, Canada en Australië wettelijke richtlijnen waar parken zich aan dienen te houden. Afhangend van de soort zijn bepaalde minimale afmetingen noodzakelijk. Evenals meer dan één bassin om de dieren te kunnen scheiden bij bijvoorbeeld ziekte, een geboorte of een medisch noodgeval. Het niet (meer) kunnen voldoen aan deze richtlijnen heeft in het verleden al regelmatig gezorgd voor de sluiting van dolfinaria en andere parken die cetacea houden. Er zijn helaas ook landen waar verblijven ver beneden de algemene standaard liggen. Vaak zijn dit landen waar geen wetten, eisen of richtlijnen voor verblijven en/of het houden van dieren bestaan.

Een feit is dat cetacea in gevangenschap meer tijd spenderen aan de oppervlakte en minder lange afstanden zwemmen dan de soortgenoten in het wild. Wilde cetacea kunnen tientallen tot honderden kilometers per dag afleggen. Dit is echter niet altijd het geval. De meeste dieren die lange afstanden afleggen zijn gedreven door honger. Dit gebeurt tijdens de jacht en/of op zoektocht naar voedselrijke gebieden. Op plekken waar voldoende voedsel is zullen cetacea eerder een lange tijd op één plek blijven dan lange afstanden afleggen. Er zijn zelfs ontzettend veel plekken ter wereld waar populaties permanent op één plek verkeren vanwege een makkelijke en constante voedselbron. Dit is voor wetenschappers heel gunstig; zij kunnen één en dezelfde populatie en zelfs individuen zo jarenlang achter elkaar bestuderen. Een andere reden waarom cetacea lange afstanden afleggen is de migratie naar gebieden waar de dieren zich voortplanten en/of jongen krijgen. Vooral baleinwalvissen kennen zeer lange migratieroutes. Grijze walvissen misschien wel het verste van alle zeedieren; ongeveer de afstand van de aarde naar de maan en terug in hun leven. Over het algemeen verplaatsen tandwalvissen zich wat minder ver, tenzij er bepaalde gebieden bekend zijn en zij er regelmatig terugkeren om zich te voeden. Het zijn opportunisten waarbij voedsel bepaald hoeveel afstand zijn wel of niet afleggen. Aangezien voedsel talrijk is in gevangenschap is lange afstanden afleggen simpelweg niet 'nodig'. Wel is het natuurlijk belangrijk dat de dieren hun conditie behouden. Dit is dan ook één van de doelen van de training die wordt toegepast in gevangenschap.

 

Cetacea in gevangenschap hoeven niet te jagen. Toch beschikken zij over een hoge intelligentie en een hoog energievermogen dat in het wild vooral wordt gebruikt (en verbruikt) om te jagen. Bij jagen wordt natuurlijk meer dan alleen lichamelijke inspanning gebruikt, de dieren maken ook gebruik van jachttactieken en calculatie. Hierdoor is het noodzakelijk de dieren in gevangenschap toch genoeg verrijking te kunnen bieden, zowel lichamelijk als mentaal.  Dit gebeurt in de vorm van voedselverrijking, omgevingsverrijking, speelgoed en ook training. Door de uitzonderlijke intelligentie en het probleem-oplossend vermogen van cetacea zijn ze vrij makkelijk en vrij snel te trainen vergeleken met de meeste andere dieren. Sommige soorten kunnen meer dan 50 verschillende gedragingen leren gekoppeld aan een uniek handgebaar. Dit kan zowel lichamelijke verrijking zijn  (zoals het maken van sprongen) die bijdraagt aan het behouden van de conditie tot mentale verrijking (zoals het oplossen van puzzels). De belangrijkste training is echter de gezondheidstraining. Deze training wordt standaard uitgevoerd in vrijwel alle parken die cetacea houden. De gezondheidstraining is een serie van gedragingen waardoor het mogelijk wordt een dier vrijwillig te onderzoeken en zelfs te behandelen wanneer dit nodig is. Zo wordt er bij dolfijnen bijvoorbeeld gekeken naar de tanden, ogen, het blaasgat, de buikzijde, er wordt temperatuur opgenomen, het dier wordt gewogen en er wordt zelfs vrijwillig bloed geprikt. Door deze training regelmatig uit te voeren raken de dieren gewend aan deze procedures en is het makkelijk de dieren te monitoren en gezond te houden. De gezondheidstraining wordt in dierenparken bij een groot aantal soorten uitgevoerd. De gezondheidstraining van cetacea is echter wel de meest geavanceerde en meest stressvrije methode. Het dier werkt in direct contact met de verzorger/trainer en hoeft niet te worden verdoofd om bijvoorbeeld bloed te prikken, gewicht te bepalen of het dier te transporteren. Zelfs kleine medische ingrepen kunnen worden uitgevoerd. Het dier wordt continu beloond en koppelt dus geen negatieve ervaringen aan deze training.

Het trainen van een zeezoogdier wordt in alle gevallen bereikt met de zogeheten "Positive Reinforcement" methode. De meest bekende vorm van deze methode is de "clickertraining". Het basisprincipe van deze methode is het dier belonen voor gewenst gedrag. Bij ongewenst gedrag wordt het dier genegeerd in plaats van gecorrigeerd of gestraft. Het doel van de training is dat een dier gewenste gedragingen vertoond zonder negatieve ervaringen zoals stress, angst of agressie. Omdat het dier alleen positieve of neutrale prikkels ervaart tijdens deze training is de methode erg succesvol en kan het worden gebruikt op honderden soorten dierentuindieren waaronder zowel zoogdieren, vogels, reptielen, vissen en zelfs insecten! 

Wanneer de training begint zal eerst een positief signaal worden aangeleerd. In het geval van zeezoogdieren is dit vrijwel altijd een fluitsignaal. Trainers en verzorgers dragen een fluitje met een hoge frequentie, enigzins te vergelijken met een fluitje gebruikt voor hondentraining. Het dier leert dat na de fluittoon iets positiefs volgt. Een makkelijke beloning is voedsel (aangezien voedsel vrijwel altijd positieve gevoelens oproept bij dieren), maar dit is zeer zeker niet altijd het geval. Cetacea worden ook vaak beloond met een secundaire beloning zoals een speeltje, reactie of fysiek contact met de verzorger/trainer. Een trainingsessie kan zelfs volledig bestaan uit deze zogenaamde 'Secundary Reinforcement' beloningen. 

De meeste parken waar cetacea worden gehouden maken gebruik van de speelsheid en mogelijkheid de dieren te trainen in de vorm van presentaties, voorstellingen of shows. Sinds een tijd heerst er grote controversie over deze vorm van het tentoonstellen van dieren. Shows zijn er in verschillende vormen. Zo heb je bijvoorbeeld educatieve presentaties, voorstellingen waarbij de trainers wel of niet in het water gaan met de dieren en entertainende shows, vaak begeleid door popmuziek, videobeelden en/of acteurs. Welke gedragingen de dieren laten zien in shows verschilt behoorlijk per park. Er zijn ook parken die geen van deze voorstellingen hebben en waarbij je per toeval op een training van de dieren kan stuiten, een voorbeeld hiervan is Acuario di Genova in Italië. 

 

Training en het vragen van bepaalde gedragingen aan de dieren zal altijd nodig zijn als verrijking en voor gezondheidsdoeleinden. Het publiek hierbij betrekken is een zeer normale gang van zaken in zeezoogdierenparken. Ook in dierentuinen wordt dit steeds vaker gebruikt, denk bijvoorbeeld aan voederpresentaties of presentaties rondom de gezondheidstraining van olifanten. Deze manier van publiek betrekken bij de training van dieren is een vorm van entertainment voor het publiek; mensen willen dit maar al te graag zien. Het wekt vaak meer interesse dan de dieren simpelweg in hun verblijf bekijken. Parken merken dit en doen hier zeker voordeel mee. Op toeristische locaties wordt er zelfs groot mee geadverteerd. Er is echter een tweede component aan deze shows dat zich vooral de laatste aantal jaren heeft ontwikkeld in dierenparken. Tegenwoordig heeft een show ook heel vaak een hoge educatieve waarde. In alle shows, zelfs degene met een hoge entertainment-waarde wordt educatie gebruikt. Mensen leren over de dieren en kunnen deze dieren (die in het wild niet makkelijk te zien zijn zonder ze te verstoren) van heel dichtbij bekijken. Er wordt in bijna alle gevallen gebruik gemaakt van directe educatieve informatie. Dit kan door een spreker, op een videoscherm of uitgebeeld in gedragingen. Er wordt bijvoorbeeld aandacht gevraagd voor de wilde populatie en conservatie van bepaalde soorten, er wordt verteld over de gezondheidstraining en het houden van de dieren, er wordt educatief gesproken over de dieren zelf (waar komen ze voor? wat eten ze? fysiologie, gedrag), wat moet je doen wanneer je een gestrand dier vindt? In veel shows wordt zelfs aandacht gevraagd voor milieuvervuiling, met name het tegengaan van vervuiling van de oceanen. Het is vrijwel onmogelijk een dierenpark te verlaten zonder iets van educatie te zijn tegengekomen. Dit is ook meteen het grootste argument dat wordt gebruikt waarom het houden van cetacea moet worden voortgezet. Samen met de mogelijkheid voor wetenschappelijk onderzoek. Hier verschillen de meningen echter enorm in en er zijn zowel voorstanders als felle tegenstanders van het houden van alle walvisachtigen in gevangenschap en met name het uitvoeren van voorstellingen of shows voor publiek. Belangrijk bij het vormen van een mening is echter wel feitelijke informatie te gebruiken en alle accommodaties die cetacea huisvesten apart te beoordelen. Zo zullen de dieren in dierenparken van derde wereldlanden of landen zonder rechten betreft het dierenwelzijn er bijvoorbeeld beduidend slechter bijzitten dan dieren in plaatsen zoals Europa, Noord-Amerika en andere meer ontwikkelde landen. 

 

Cetacea in gevangenschap volgen een strikt dieet van verschillende soorten vis en soms ook inktvis. Anders dan bij andere dierentuindieren waar ook voedsel dat afgekeurd  is voor menselijke consumptie kan worden gevoerd, is het voedsel van cetacea in gevangenschap  A-kwaliteit. Zeezoogdieren zijn namelijk erg gevoelig voor bacteriën. De vis wordt daarom zeer ver op zee in gevangen, waar het meteen wordt ingevroren. Daarna wordt het verpakt en bevroren vervoerd naar de parken. Hier wordt het opgeslagen in grote vriezers. Pas op de dag dat het zal worden gevoerd wordt het langzaam ontdooid. Per dier wordt er zeer nauwkeurig afgewogen en bijgehouden hoeveel het eet. Dit is heel belangrijk om het dier gezond en op gewicht te houden. Ook kan verlies van eetlust meteen worden opgemerkt, wat eventueel een teken van ziekte kan zijn. De totale hoeveelheid voedsel voor een dier per dag wordt verdeeld over de dag gegeven. Vaak in verschillende trainingssessies en shows. Alles wordt bijgehouden op whiteboards, in schema's op de computer en/of mappen.

 

Een bekend fabeltje is dat dolfijnen alleen te eten krijgen wanneer zij een gedraging naar behoren hebben uitgevoerd. Ook zouden ze worden uitgehongerd zodat ze beter presteren in shows. Hoewel dit in de vroegste dolfinaria in de jaren 60' voorkwam is dit absoluut niet het geval vandaag de dag en ook niet hoe de positive-reinforcement methode in elkaar steekt. De vis die wordt gegeven tijdens een show is slechts een klein deel van de totale dagbehoefte aan voedsel. Je kunt deze vis vergelijken met het geven van een beloning zoals een hondensnoepje wanneer je een hond wil belonen. De hond krijgt echter ook nog zijn normale voer naast de snoepjes en met cetacea is dit hetzelfde verhaal. Wanneer je in een park aanwezig bent zal er regelmatig een voedersessie buiten de shows te zien zijn. Een tuimelaar weegt bijvoorbeeld al snel 200 - 300 kilo en heeft een veel hogere voedselinname dan de kleine hoeveelheid vis die tijdens een show gegeven wordt.

Ook wordt een sessie of show pas afgesloten als alle trainers al het voedsel hebben opgevoerd. Zodat de sessie voor alle dieren tegelijk stopt en er geen conflict komt tussen de dieren vanwege voedsel of aandacht van de trainer. Wanneer een dier de gedraging niet goed heeft begrepen of verkeerd uitvoert volgt er een korte pauze waarin het dier wordt genegeerd door de trainer; Het teken voor het dier dat er iets niet goed is gegaan. Vervolgens wordt de gedraging opnieuw gevraagd en wordt het dier alsnog beloond. Hoewel een voedselbeloning vaak het sterkste werkt bij dieren is dit niet het enige wat als beloning wordt gebruikt. Cetacea worden ook vaak beloond met een speeltje, ijsklontjes, gelatine, waterstralen of een enthousiaste reactie van de verzorger (gelijkend als bij hondentraining). Een trainingsessie kan zelfs volledig bestaan uit deze zogenaamde 'Secundary Reinforcement' beloningen. 

 

Cetacea in gevangenschap krijgen uiteraard medicatie toegediend wanneer ze dit nodig hebben.Dit kan bijvoorbeeld zijn bij ziekte, afwijkingen of verwondingen.  Een groot deel van de medische kennis over walvisachtigen is recent ontdekt of zelfs nog experimenteel. Hier wordt dus met grote zorgvuldigheid mee omgegaan. Wel krijgen ze regelmatig vitamines en supplementen toegediend. Dit als toevoeging van de voeding. Bij het bevriezen van vis worden namelijk niet alleen bacteriën gedood, maar gaan er ook vitaminen en belangrijke stoffen verloren. Deze vitaminen worden vaak in pil en tablet-vorm gegeven. (en kan hierdoor makkelijk aangezien worden voor medicatie). De bekendste methode hiervoor is de vitaminen achter de kieuwen van een vis plaatsen en deze dan voeren. Het is enigzins te vergelijken met het poeder dat over voedsel van reptielen wordt gestrooid. Ook krijgen de meeste cetacea in gevangenschap extra water toegediend naarmate ze ouder worden. Van nature drinken cetacea namelijk nooit. Al het vocht dat ze nodig hebben halen ze uit de gevangen vis en andere prooien. Dit resulteert op een oudere leeftijd bijna altijd in problemen met de nieren en/of lever. In gevangenschap is een gezondheidstraining ontwikkeld waarbij het dier vrijwillig een slang inslikt en de trainer zo extra water kan toedienen doormiddel van een trechter bovenaan de slang. Dit 'slangen' zorgt dat de nieren en organen minder belast worden. Ook gelatine, die kan worden gebruikt voor verrijking is een vorm van extra vochttoediening. 

 

Het is niet wetenschappelijk te bewijzen wanneer dieren gelukkig zijn en of ze überhaupt het concept ‘gelukkig zijn’ kennen. Wel is het bekend dat dieren simpelweg niet denken en redeneren zoals mensen. Het is daarom onmogelijk en ook oneerlijk om de toestand van een dier te beoordelen onder menselijke gedachten en emoties. Dit zogeheten antropomorfisme doet vaak meer kwaad dan goed wanneer men de gemoedstoestand van een dier probeert te beoordelen. Vaak spelen hier eigen gedachten, emoties en voorkeuren een te grote rol in. Studies wijzen uit dat dieren waarschijnlijk vooral in het ‘hier en nu’ leven en reageren op impulsen die ze op dat moment krijgen. Het is echter onmogelijk om in het hoofd van een dier te kijken en de precieze gedachtegang en emoties te ontcijferen. Wat we wél kunnen doen is gedrag aflezen en metingen doen. Bijvoorbeeld op het stresshormoon cortisol.  Een studie uit 2016 door Loro Parque, een dierentuin in Tenerife is hier een voorbeeld van. Hierbij is van november 2015 tot juni 2016 het cortisol van 59 dieren gemeten in 9 verschillende parken verspreid over Europa. Het resultaat hiervan is dat 95% van de dieren een normaal cortisolniveau hadden of zelfs zo laag dat het niet te detecteren was. Critici beweren echter dat cetacea zich nooit volledig kunnen aanpassen aan een leven in gevangenschap en dat er geen mogelijkheid is ze genoeg te verrijken en te bieden wat ze nodig hebben.

 

Vooral de laatste tien jaar is het  populair dolfinaria te bekritiseren en cetacea in gevangenschap als zielig te bestempelen. Iets 'zielig vinden'  is echter vaak op basis van meningen en emoties in plaats van onderbouwde argumenten. Er zijn verschillende organisaties opgestaan die gevangenschap van cetacea bevechten of juist verdedigen. Vaak wordt (vanuit beide partijen) valse informatie verspreid.

Onder andere via internet en bekende documentaires zoals "Blackfish" en "The Cove" zijn dolfinaria en andere parken met cetacea het laatste decennia onder een vergrootglas geplaatst. Hierin worden verschillende negatieve punten over het houden van dolfijnen in gevangenschap besproken. Toch liggen deze documentaires zelf ook vaak onder vuur. Gegeven informatie zou vals zijn en beelden zouden zijn bewerkt. Ook zouden mensen zijn omgekocht om een gewenst statement te geven en zouden er trainers aan het woord zijn die zijn ontslagen vanwege wangedrag. Zo zijn er ook ex-werknemers aan het woord die meer dan 10 tot 20 jaar geleden werkzaam waren bij een dolfinarium, wat de relevantie voor de huidige situatie in twijfel trekt. Voorstanders van de documentaires ontkennen dit echter massaal. Beide partijen worden vaak ook ondersteund door experts zoals wetenschappers en/of biologen. Deze moderne vorm van dieren-activisme heeft zich hierdoor vooral tot een welles-nietes spel ontwikkeld tussen de activisten en de faciliteiten die cetacea houden.

Belangrijk bij het vormen van een mening over gevangenschap zijn feiten en meetbare resultaten. Dieren in gevangenschap worden beduidend ouder, bij tuimelaardolfijnen zelfs het dubbele van de levensverwachting in het wild. In de grote meerderheid van de parken krijgen cetacea in gevangenschap genoeg voedsel wat van goede kwaliteit is en het dieet wordt erg nauwkeurig bijgehouden. Ook hebben de dieren toegang tot medicatie wanneer ze ziek worden en medische hulp wanneer ze gewond zijn. Er staat iedere dag een professioneel team klaar om de dieren te verzorgen en verrijkt te houden. Dit zijn luxes die voor wilde exemplaren niet zijn weggelegd. Verder zijn cetacea in gevangenschap beschermd tegen vijanden, vervuiling van de oceaan, verstrikt raken van visnetten en ongelukken met boot-propellers. Zaken die in het wild dagelijks voorkomen en wilde cetacea veel schade aanbrengen. 

Echter blijft het een controversieel onderwerp. Kan een park in gevangenschap de dieren werkelijk de verrijking en ruimte bieden die ze nodig hebben? Is het überhaupt aan de mens om daarover te bepalen? Al geldt dit dan natuurlijk voor alle wilde en exotische dieren in gevangenschap, al dan niet de intelligente soorten met een hoge mentale verrijkingsbehoefte. Een feit blijft dat er in landen zonder dierenwelzijnsprotocollen nog veel parken bestaan beneden de standaarden die we hier kennen. Dit zijn ook vaak parken die de dieren nog regelmatig uit het wild verkrijgen. Op sommige plaatsen heeft zelfs de politiek en de regering al een rol gespeeld bij het aanhouden of sluiten van dolfinaria en de fokprogramma's die dolfinaria en dierenparken hanteren.

Kritisch kijken naar de manier van houden en huisvesten evenals het welzijn van dieren is zeker positief en heeft alleen al de laatste decennia een hoop verbeterd en gemoderniseerd. Echter moet men wel blijven kijken naar dierenwelzijn en niet simpelweg de eigen visie willen opdringen. Met name het welzijn van de individuele dieren die nu in de parken leven mag zeker niet verloren gaan in de algehele discussie.